1 Omschrijving
Een obligatie is een lening aan een bedrijf of een overheid in de vorm van een verhandelbaar financieel instrument. De houder van de obligatie leent geld uit en ontvangt in ruil een rentevergoeding.
Belangrijk om te weten:
• De nominale waarde is het bedrag dat één obligatie vertegenwoordigt in de totale lening. Obligaties kunnen aan, boven of onder hun nominale waarde worden gekocht of verkocht.
• De coupon is de vaste of variabele rente die wordt uitbetaald. Hij wordt berekend op basis van de nominale waarde.
• Een obligatie heeft meestal een vaste looptijd. Op de eindvervaldag wordt de nominale waarde terugbetaald. De looptijd is afhankelijk van het type obligatie.
• Een obligatie kan gedurende de looptijd worden verhandeld.
2 Soorten obligaties
Type voorbeelden van obligaties zijn bedrijfsobligaties, staatsobligaties, perpetuele obligaties en notes.
Obligaties hebben mogelijk volgende kenmerken:
• Een achtergesteld obligatie wordt pas na andere schuldeisers terugbetaald, waardoor de kans toeneemt dat de houder niet (volledig) wordt terugbetaald. Dit risico wordt vergoed met een hogere coupon.
• Bij een converteerbaar obligatie kan de houder kiezen tussen een terugbetaling in geld of in een vooraf bepaalde hoeveelheid aandelen. Bij reverse converteerbare obligaties ligt die keuze bij de uitgever.
• Eeuwigdurende obligaties (perpetuals) hebben geen vooraf bepaalde eindvervaldag. De uitgever kan meestal beslissen tot vervroegde terugbetaling. Gedurende de looptijd ontvangt de houder de coupon.
• Een gestructureerd product bestaat uit een samenvoeging van meerdere financiële instrumenten; vaak met als doel garanties of hefbomen in te bouwen. Bij een gestructureerd obligatie hangt de opbrengst en terugbetaling dus af van de ontwikkeling van de samengevoegde financiële instrumenten (bijv. combinatie van aandelen, obligaties en opties).
3 Risico’s en opbrengsten
De opbrengst van obligaties wordt bepaald door de volgende elementen:
• De coupons die gedurende de looptijd worden uitbetaald.
• De prijs waarop u de obligatie koopt. Deze ligt vaak hoger of lager dan de nominale waarde, zowel gedurende de looptijd als bij uitgifte (bijv. uitgifte onder of boven nominale waarde).
• De prijs waarop u de obligatie gedurende de looptijd verkoopt of het bedrag dat u op de eindvervaldag van de uitgever ontvangt (bijv. terugbetaling boven, onder of aan nominale waarde).
De belangrijkste risico’s waaraan de houder van een obligatie is blootgesteld zijn:
• Kredietrisico: indien de uitgever van een obligatie failliet gaat of in betalingsmoeilijkheden verkeert, ontvangt de houder mogelijk niet (tijdig) alle coupons of wordt hij op de eindvervaldag niet (volledig) terugbetaald.
• Marktrisico – renterisico: De prijs waaraan obligaties tijdens de looptijd verhandeld worden schommelt voortdurend onder invloed van de algemene economische context en de evolutie van de marktrente in het bijzonder.
• Liquiditeitsrisico: De liquiditeit van een obligatie wordt bepaald door het verhandelde volume ervan. Een hoge liquiditeit vergroot de kans dat het obligatie snel en tegen marktwaarde kan verkocht worden. Naarmate de liquiditeit afneemt, geldt doorgaans het omgekeerde.
4 Kosten en belastingen
Aan het beleggen in obligaties zijn kosten en mogelijk ook belastingen verbonden. Deze hebben invloed op uw opbrengst.
Kosten
Transactiekosten
De order tot aan- en verkoop moet worden verwerkt, doorgegeven, uitgevoerd en afgehandeld. U betaalt hiervoor transactiekosten aan Saxo Bank.
Belasting
Beurstaks
Op iedere aan- of verkoop van schuldinstrumenten op een Belgische beurs wordt een belasting van 0,12 % geheven op de waarde van de transactie, met een maximum van 650 EUR per transactie en per partij.
Roerende voorheffing op de interesten en belastingen
Coupons uitgekeerd door Belgische bedrijven of overheden zijn doorgaans onderworpen aan roerende voorheffing. Meer informatie vindt u in het tarievenoverzicht.
5 Wist u dat...
...de beurskoers van een obligatie wordt meestal uitgedrukt in een percentage
Obligaties noteren normaal gesproken in procenten. Als de koers van een obligatie meer is dan 100% van de hoofdsom spreekt men over boven pari. Als de koers minder is dan 100% is de obligatie onder pari. U geeft bij Saxo Bank bij aantal het nominale bedrag op wat u wilt aankopen van de obligatie. Bij limiet geeft u de koers op die u wilt betalen (zonder het percentage teken).
...u door obligaties te kopen de ontwikkeling van bedrijven stimuleert
Door obligaties te kopen leent u geld uit aan een bedrijf of een overheid zodat ze kunnen groeien of hun activiteiten verder kunnen ontwikkelen.
...de waarde van obligaties met vaste coupon en de marktrente doorgaans omgekeerd evenredig zijn
Dit betekent dat wanneer de marktrente daalt, de waarde van obligaties meestal stijgt en dat wanneer de marktrente stijgt, de waarde van obligaties meestal daalt.